Richard Millington over sociale wetenschap en community’s – verslag 23e bijeenkomst

masterdegreeOp 15 februari was Richard Millington van Feverbee de spreker van de 23e CMNL bijeenkomst. Hij deelde zijn visie op sociale wetenschap en community’s met de toehoorders en beantwoordde enkele vragen van hen. Joska van Asselt (communitymanager Kanker.nl) doet verslag.

Technische oplossingen versus sociale wetenschap

Veel organisaties bouwen eerst een technisch platform en verwachten vervolgens dat dit platform zorgt voor een bloeiende community. Zij benaderen communitybuilding via technische oplossingen. Er is echter geen link tussen techniek en een bloeiende community. Kijk maar naar online community’s die worden gemigreerd naar een technisch andere (betere?) omgeving. Dit levert een hoop stress op en leidt nooit tot een meer actieve community.

Voor een bloeiende community is belangrijk om te weten hoe de sociale wetenschap werkt. Wetenschappelijke artikelen geven de nodige insights: waarom participeren mensen in online community’s?

Belangrijke inzichten uit de sociale wetenschap zijn:

1. ‘Sense of community’

Richard Millington

Richard Millington

Deelnemers moeten het gevoel hebben dat zij echt deel hebben aan de community. Solisten worden bijeen gebracht op basis van gemeenschappelijke interesse, maar de behoefte gaat verder dan dat. Mensen willen onderdeel zijn van een groep. Lidmaatschap is daarom belangrijk: je weet hierdoor wie de andere leden van de community zijn. Het geeft een sterke grens tussen de community en de wereld daarbuiten.

Tips van Richard:

  • Werp een grens op om een geaccepteerd lid van de community te worden.
  • Moedig persoonlijke investeringen in de community aan: bijdragen, stemmen op polls etc.
  • Rituelen en tradities zijn belangrijk en moeten de ruimte krijgen in de community.
  • Gebruik gezamenlijke symbolen. Welke termen gebruiken de deelnemers op jouw community? Gebruik dit! Zo is er een community waarbij ‘M14’ nieuwe leden betekent. De leden van de community weten dit en gebruiken dit.
  • Lidmaatschap: het is essentieel om een geaccepteerd lid te kunnen zijn.

2. Invloed

Deelnemers blijven participeren als ze het gevoel hebben dat ze invloed hebben. Het hoeft dus niet daadwerkelijke invloed te zijn, maar het gaat om het gevoel.

Tips van Richard:

  • Reageer (zo snel mogelijk) op bijdragen van deelnemers.
  • Bied gelegenheid voor deelnemers om invloed te hebben.
  • Versterk de invloed die deelnemers al hebben.
  • Houd van een deelnemer de beste bijdragen bij in plaats van de meeste (het aantal) bijdragen. Qua aantal bijdragen hebben nieuwe deelnemers altijd een achterstand en het bijhouden hiervan demotiveert hen. Geef iedereen dezelfde kans. Een expert-level in een community werkt goed.

3. Behoeftes van de community

Het is belangrijk dat je aan de behoeftes van de community tegemoet komt. De verwachtingen van de deelnemers en het doel van de community moeten overeenkomen.

4. Gedeelde emoties

voetbalfansSamen boos, samen blij, of samen verdrietig zijn om iets schept een band en zorgt voor een hechtere community.

Tips van Richard:

  • Initieer en benadruk de meest ‘hardcore’ discussies.
  • Moedig discussies aan waarin de deelnemers zichzelf blootgeven.
  • Sta niet-essentiële/off-topic discussies toe. Deze discussies zijn heel belangrijk voor de groepsband. Op community’s kun je zien dat dergelijke onderwerpen veel bijdragen hebben. Bijvoorbeeld met het onderwerp: ‘Laat zien wat jij hebt gedaan’.

5. Motivatie

Wat motiveert mensen om deel te nemen aan een community? Ze hebben een bepaalde reden om mee te doen, maar blijven actief vanwege een andere reden. Veel community’s zijn ontworpen voor het vervullen van een informatiebehoefte in plaats van ‘social needs’. Deelnemers komen dan af en toe wat informatie ‘lurken’ op het moment dat ze dit nodig hebben. Verder hebben ze geen band met de community.

Social needs (sociale behoeften) zijn:

  • Zelfbewustzijn
  • Betekenis kunnen hebben
  • Rendement (what’s in it for me?)
  • Zelfvertrouwen
  • Sociale contacten: vrienden maken

Community’s die zijn ontworpen voor social needs zorgen voor betrokkenheid. Dit is de reden voor leden om actief te blijven.  Voorbeelden van dergelijke community’s zijn bijvoorbeeld hr.com en giffgaff (zie ook dit verslag over het succes van giffgaff).

Tips van Richard:

  • Belangrijk voor de social needs is een eerste reactie op een bijdrage (snelheid en kwaliteit van de respons)
  • Verschuif de balans naar discussies waarin deelnemers veel over zichzelf vertellen.

6. Sociale Identiteits Theorie

Mensen participeren meer in groepen die succesvol lijken. Voor niet goed lopende community’s betekent dit dat je alle slechtlopende onderdelen beter kunt sluiten. Daardoor lijkt jouw community meer succesvol. Voor succesvolle community’s is het belangrijk dat de deelnemers zich realiseren dat ze deelnemen aan een succesvolle community. Dit kan door het aantal discussie en bijdragen duidelijk te laten zien.

Vragen van CMNL’ers tijdens de meeting

 

  • Wat moet je doen als een community niet goed wil lopen? Moet je dan helemaal opnieuw beginnen?

Richard Millington: Als een community, ondanks allerlei pogingen, niet wil lopen is het waarschijnlijk dat het concept niet goed is. Dit moet veranderd worden en dat betekent over het algemeen: van voor af aan beginnen.

  • Wat is jouw mening over het gebruik van gamification in community’s?

Richard Millington: Gamification werkt alleen in een bepaalde context, maar heeft een korte termijn impact. Het kan zelfs schade toebrengen op de lange termijn. Deelnemers worden beloond, maar er treedt snel verzadiging op. Zie het boek ‘punished by rewards’.

  • Hoe doen online community’s het in andere culturen? Zijn er verschillen?

Richard Millington: Hier is nog onderzoek naar nodig. Het is al opvallend dat er cultuurverschillen zijn tussen Nederlanders en Belgen. Dit merk je in een communty. Belgen zijn meer strategisch en ‘winnen’ daardoor discussies. In Aziatische landen vragen deelnemers eerst om toestemming om te mogen reageren.

  • Is een communitymanager nodig? Of alleen in het begin en kan de community het daarna wel zelf?

Richard Millington: Een community heeft een levenscyclus en de rol van de communitymanger moet daarop aangepast zijn. In het begin is het activeren van de community belangrijk. Daarna is het belangrijk om het overzicht te geven: herinner de deelnemers wat er gebeurt in de community.

  • Is het belangrijk om je platform ook mobiel aan te bieden?

Richard Millington: Op dit moment maakt 70%  van de deelnemers gebruik van pc of laptop en 30% van mobiel internet. Dit zal de komende jaren meer naar elkaar gaan toegroeien, maar heeft op dit moment geen prioriteit. De communitymanager is belangrijk voor de zichtbaarheid van de community. Hij/zij is eigenlijk geen manager, maar faciliteert de community.

  • Content is King. Hoe kijk je aan tegen de content van een community?

Richard Millington: De beste content op een community is de content over de community zelf.

  • Hoe ga je om met de ‘popstars’, de topmembers van een community in relatie tot nieuwe deelnemers?

Richard Millington: Nieuwe deelnemers hebben de meeste (één op één) aandacht nodig. Voor de groei en bloei van een community is dat prioriteit. ‘Popstars’ van de community die dat in de weg staan kunnen al dan niet tijdelijk worden verwijderd. Dit lijkt altijd meer impact te hebben dan het uiteindelijk echt heeft. Nieuwe deelnemers moeten altijd welkom zijn en zich welkom voelen.

Dit verslag is geschreven door Joska van Asselt. Zij is sinds juni 2012 werkzaam als communitymanager voor Kanker.nl. Eerder was ze communitymanager van Viva.nl, Libelle.nl en Margriet.nl.
De foto met voetbalfans is gemaakt door hectorrir.

6 Comments

Geef een reactie